Winterklaar maken dient om lang stilliggen en vorst geen schade te laten berokkenen aan je boot. Er zijn ook bootbezitters die de boot vorstvrij houden met elektrische kacheltjes op thermostaat, via een geperforeerde slang water laten stromen langs de boot, of de boot in een verwarmde loods laten overwinteren.

Over wel of niet in het water laten overwinteren zijn de meningen verdeeld.
In het water lijks de kans op vorstschade in het water kleiner dan op de wal (buiten of onverwarmde loods), omdat de romp de watertemperatuur zal aannemen. Zelfs bij een dikke ijsvloer zal het onderwaterschip nog steeds vorstvrij zijn. Alleen in ondiep water zal in de loop van een vorstperiode de watertemperatuur kunnen zakken tot min nul graden. In principe kan elk schip een aantal jaren tot de volgende onderhoudsbeurt in het water blijven. Het op wal overwinteren lijkt dé methode om het hout of polyester eens lekker te laten drogen, maar werkt soms averechts. Bij houten schepen kunnen de huidgangen door krimp openwerken. Echter aan vaarwater dat 's winters bij ijsgang zo lang mogelijk wordt opengehouden, is het wel aan te bevelen op wal te overwinteren. Dikke - door schepen losgewerkte - ijsschotsen kunnen schade veroorzaken.

Wat te doen met...
Accu's:
Gescheiden volladen en het liefst tijdens de winterstop wat ontladen/bijladen. Als ze niet te zwaar zijn kan je ze ook mee naar huis nemen en daar af en toe wat ontladen/bijladen. Aan boord kan je dit proces automatiseren door gebruik te maken van een zonnepaneel en een ventilator tegen condensvorming en daarmee twee vliegen in één klap slaan. Een volgeladen accu kan temperaturen van zo'n -45°C doorstaan. Een bijna lege accu kan al stuk gaan bij -10°C. Het enige voordeel van lage temperaturen is dat de zelfontlading in een lager tempo gaat dan 's zomers.


Standpijpen onder de waterlijn (met afsluiter)
In het water: draai de kraan dicht. Vul de standpijp met koelvloeistof en draai bij kogelkranen, dat zijn de kranen met een hendel, daarna de kraan open en direct weer dicht. Als je daarbij de pijp of slang op druk brengt (blazen) komt er ook koelvloeistof in de kamer van de afsluitkogel. Dit zal alleen maar nodig zijn bij zeer strenge vorst, want in Nederland zal het water dieper dan pakweg 20cm niet snel bevriezen. Maar goed, dat weet je niet van te voren. Op de wal: kraan open. Dicht kan ook, maar pas nadat de boot op wal staat en pijp en kraan gelegenheid hadden leeg te lopen.

Toilet
Veel mensen kiezen voor een vuilwatertank of chemisch toilet. Bij aansluiting op een vuilwatertank is het meestal voldoende de toevoerleiding van het spoelwater leeg te blazen en wat antivries in de pot te doen en na één doorspoeling aan te vullen tot een laagje in de pot. Een chemisch toilet kan gewoon leeg gemaakt worden en de vuilwatertank natuurlijk ook.


Drinkwatertank
Vaste drinkwatertank: Leeg maken. 
Flexibele watertank: Hoeft niet leeg, maar i.v.m. waterbederf toch aan te bevelen. 
Drinkwaterleidingen: Zoveel mogelijk leeg blazen en kranen openen. Leegblazen kan met behulp van een fietspomp en een (niet te oude) binnenband. Knip de band naast het ventiel door en plak het korte uiteinde dicht. Schuif het lange eind een stukje over de leiding en bindt dit goed vast. Draai nu de band bij de leiding een aantal slagen om zodat er geen lucht door kan en pomp de band op tot ballondikte. Laat de slagen los en de leiding wordt keurig leeggeblazen.


Brandstoftank
Volledig vol tanken. Water in brandstof is een vervelend euvel. Het ontstaat meestal door condensvorming in een niet afgevulde tank. De motor kan er absoluut niet tegen en bij diesel is het een voedingsbodem voor de gevreesde dieselbacterie die leidingen en filters kan verstoppen. Bovendien kunnen brandstofleidingen zelfs bevriezen. Een waterafscheider in de brandstoftoevoer is geen luxe en de tank moet tijdens de winterstop in ieder geval vol zijn.
Let op bij diesel: Als je in de winter af en toe vaart en de brandstoftank en leidingen zich niet onder
de waterlijn bevinden, zorg dan dat de gebunkerde dieselolie van na oktober is: de zogenaamde winterkwaliteit. Deze geeft tot -16º C geen vlokvorming.


Brandstofsysteem
Sommige schippers gaan zo ver, dat ze ook het brandstofsysteem beveiligen met een speciale conserveringsolie. Het brandstoffilter wordt verwijderd en men laat de motor even lopen met de conserveringsolie als brandstof, tot deze flink begint te roken. Dit doe je als het schip voor meerdere jaren opgelegd wordt.


Motor
Olie verversen en eventueel filters vervangen. Nieuwe olie zorgt voor goede conservering tijdens een lange periode van stilstand. Hoewel... Er gaan steeds meer stemmen op dat de specialistische oliën helemaal niet zo vaak ververst hoeven te worden. Zeker niet bij een bootmotor met regelmatig toerental. Maar goed... Oude olie kan het best bij warme motor worden afgetapt. Laat de motor na draaien een tijdje met rust om bezinksel gelegenheid te geven naar beneden te zakken. Verwijder daarna de aftapbout onderin de carterpan. Als het door ruimtegebrek niet mogelijk is daar een bak onder te plaatsen, gebruik dan een carterpompje via de peilstokopening. Bij gemariniseerde automotoren zonder aangepaste carterpan (zonder kuiltje onder de peilstok) kan het nadeel zijn dat het residu (slijpsel en andere ongerechtigheden) niet helemaal mee komt en in het carter achterblijft.


Buitenboordmotor
Olie vervangen, (elk tweede seizoen olie in staartstuk vervangen). Zet een emmer schoon water op een kruk onder de motor, zodat het staartstuk er in hangt, of gebruik een verzwaarde kliko. Motor even laten draaien. Bougiekabels lostrekken. Carburateur aftappen. Water aftappen uit de uitlaatdemper (met een carterpompje gaat dat prima). Draai de bougies er uit, sproei wat motorolie in de gaten, draai de motor een paar slagen rond  en zet de bougies weer terug.

Inboordmotor
Bij een gesloten koelsysteem: Koelvloeistof verversen (uiterlijk om de 2 jaar, de corrosiewerende middelen zijn dan uitgewerkt).
 Open koelsysteem zonder thermostaat en wierpot: een nog weinig voorkomend systeem. Motor starten en inlaatkraan dichtdraaien. Motor afzetten wanneer geen water meer uit de loospijp komt. Beter is om de aanzuigslang boven de inlaatkraan los te koppelen en koelvloeistof te laten opzuigen tot het uit de loospijp komt. Slang weer vastmaken en in beide gevallen de standpijp inpakken met isolatiemateriaal.

Bij een open koelsysteem met thermostaat en wierpot: Motor op temperatuur laten komen want de thermostaat moet open staan, anders wordt het koelwater omgeleid. Daarna stationair laten draaien. Deksel van wierpot halen. Inlaatkraan dichtdraaien. Koelvloeistof in wierpot gieten tot het uit de uitlaat of loospijp komt. Motor stop zetten. Nog iets koelvloeistof bijgieten. Kraan open en direct weer dichtdraaien. Wanneer er een aftapkraantje aanwezig is kan kan men het koelwater eerst laten weglopen, dan de thermostaat verwijderen en verder bovenstaande procedure volgen.



Buitenkant schip
Schoonmaken. Vlaggen, fenders, touwwerk en demontabel houtwerk (naambordjes) verwijderen. Bij vastzittende bouten en moeren is dieselolie een prima alternatief voor kruipolie. Sluit ontstane gaten af met korte passende boutjes met kunststof sluitringen en een lik vaseline.

Overige
Gasfles: bij overdekte stalling mee naar huis nemen (is meestal verplicht). Bij overwintering in het water is dit overbodig. Propaangas kan goed tegen vorst. Uiteraard de gasfles dichtdraaien.

Lijnen en schoten van kunststof kan je gehuld in een kussensloop handwarm wassen in de wasmachine. Ze zijn dan weer in tiptop conditie voor het volgend seizoen. 
Interieur: als het kan ventileren en anders gebruik maken van een of meerdere vochtvreters. Ventilatie en vochtvreters niet tezamen toepassen, anders ben je alleen maar buitenlucht aan het ontvochten.

Meer tips over winterklaar maken van je boot
Een uitstekend boekje over onderhoud en winterklaar maken is in 1987 uitgegeven bij Hollandia: Foeke Roukema; Handboek onderhoud voor zeil- en motorjachten, ISBN 90 6045 520 7.